De andere kant van de medaille

Als je hebt geleerd in je leven,toen je jong was of later dat aanraking gevaar inhield, is dat een kant van de medaille.

 
Je kunt je leven en je lijf echter een andere imprint meegeven. Laten ervaren dat aanraking goed is en veilig en warm en zacht. Dat het ook anders kan dan die onveiligheid ervaren.
Daar zijn vele wegen toe die je daarbij kunnen helpen.

 
Tot nu toe schreef ik vooral in mijn blog vooral over de pijn, verdriet en angst. Over wegen bewandelen die daar iets aan doen. Die al die gevoelens erkennen. Weten dat ze er zijn en ze durven uiten. Dan schreef ik over therapeutische oplossingen om bijvoorbeeld angst te verminderen en uiteindelijk te laten verdwijnen. Voorbeelden hiervan zijn EMDR en Somatic Experiencing.
Over het bevrijdende gevoel van verdriet te voelen.
Over de toegevoegde waarde van je verhaal vertellen. In praatgroepen, op social media met de #metoo beweging, in de beslotenheid en veiligheid van je eigen huis. Over delen om te helen. Dat er iemand naar je luistert. Dat je wordt gezien.

 
Dat kreeg heel veel aandacht. Dat was goed en nodig blijkbaar. En ik heb het idee dat in het nieuwe jaar mijn blog een iets andere wending krijgt. Of eigenlijk is dat geen andere wending. Het is waar ik dit blog mee begon: de andere kant van de medaille.

 

 
De medaille die laat zien: er is hoop. Dat je ziet en voelt en ervaart dat aanraking ook veilig kan zijn. Troostend. Helend. Verwarmend. Maar vooral en bovenal veilig. VEILIG.

 

En ook: zo ongelofelijk nodig.
Dat is een gemeenschappelijk ding wat wij mensen met ons allen gemeen hebben qua behoefte: de noodzaak van aanraking. Naast eten, drinken en een dak boven je hoofd is aanraking eigenlijk een eerste levensbehoefte. Maar wij westerse mensen zijn dat vergeten. Er rust, naast een taboe over praten over seksualiteit en seksueel geweld, ook een taboe op aanraken denk ik.

 
Ik wil hiermee niet beweren dat we met zijn allen dan maar heel knuffelerig en aanhankelijk zouden moeten zijn. Ieders behoefte daarin is ook anders natuurlijk. Die grenzen zouden ook altijd moeten worden gerespecteerd en niet alleen vanuit cultureel oogpunt bezien. Maar enige nuance is wel op zijn plaats vind ik.
Vrouwen kussen elkaar ter begroeting. Tussen mannen onderling is alleen een schouderklop of een halve omhelzing toegestaan. Maar wat als jij nou iemand bent die een andere behoefte heeft?
Die hunkert naar een stevige omhelzing als dat nodig is. Of gewoon een tijdje naast je zit en je hand vasthoudt.
Dan heb je in dit land toch wel een probleem. Waarin het algemene beeld is dat door de media wordt uitgedragen om vooral niet te voelen, niet je lijf als waardevol deel van jezelf te zien, enkel toch als een lustobject of een schoonheidsideaal in de modellenwereld. Of een manier om respectvol met je lichaam en die van een ander om te gaan zoals bij vechtsporten. Maar dan nog is dat, naar mijn bescheiden mening voor zover ik daar iets over mag zeggen gezien ik het nooit zelf beoefend heb, weliswaar respectvol maar op een bepaalde manier gekaderd. Aan regels gebonden.

 

Ik heb het nu over de ongekaderde, vrije manier van aanraken.
Ik las eens ergens in een boek dat dat huidhonger wordt genoemd. De menselijke behoefte van aanraken. Dat vind ik zo’n mooie respectvolle term.
Een behoefte aan aanraken die overigens die helemaal niets te maken heeft met begeerte of macht. Een baby heeft die aanraakbehoefte heel sterk en dan is het normaal die te geven. Maar volgens mij hebben volwassenen die nog steeds, alleen rust er een taboe op aanraken buiten bepaalde kaders. Dat vind ik jammer. Ik vind mensen die met een bord in de stad gaan staan met free hugs erop ietwat geknutseld en het lijkt me erg ongemakkelijk om zomaar met een onbekende te knuffelen, maar het idee is prima: mensen eraan herinneren hoe belangrijk aanraking is.

 
Dus wie geef jij die welverdiende aandacht vandaag, op een manier die past bij de persoon? (Dat mag ook jezelf zijn natuurlijk.. :-))

Advertenties

Ode aan yoga

Zoals ik al schreef in mijn vorige blog zou ik iets schrijven over wat yoga voor mij en mijn proces betekent. Ik volg lessen sinds het begin van dit jaar. Yoga was een van de weinige dingen (op werk en therapie en leuke dingen doen na) waar ik, hoewel onbewust, steeds meer energie en tijd aan besteedde.

Ik voelde mij in het dagelijks leven heel vaak niet veilig. Bijvoorbeeld in gesprek met een collega op het werk, wilde ik het liefst ergens praten waar er niemand was. Niet dat de woorden zoveel prijs gaven van het onderwerp wat we bespraken, maar mijn gevoel van opgejaagdheid en angst ‘dat men mij zou horen en weten waar we over spraken’ was er niet minder om. Mijn oude angsten staken de kop op. In mijn lichaamstaal was dit wellicht goed te zien, maar daar lette ik zelf niet op. Ik was te hard bezig met overleven.

Wanneer ik op mijn mat zat, luisterend naar de rustige stem van de docente, kon ik die overlevingsstand tijdelijk even uitzetten. Dan was de yogamat een veilige plek. Een plek waar mij en anderen steeds weer duidelijk werd gemaakt dat je mocht luisteren naar jezelf. Naar je mogelijkheden om de oefeningen te doen op een manier die je lichaam op dat moment aankan. En dat dat goed genoeg is. Dat je alleen maar hoeft te ervaren wat er op dit moment in de les gebeurt. Dat dat er mag zijn van jezelf. En als het er nu niet mag zijn, dat je dan een ander moment, buiten de les, vindt om die emotie of dat gevoel te mogen voelen. Dat dat óók oke is.

Ik wist zeker dat er niemand in mijn ruimte, op de mat, kwam. Die boodschap had ik blijkbaar zo nodig. Dat het, steeds stapje voor stap, ook mogelijk was om me veilig te voelen als het een volle les was en er dus veel mensen aanwezig waren. Dat het ook veilig was als er niet alleen vrouwen aanwezig waren, maar ook mannen. Dat het ook veilig was als er een man naast me keihard lag te snurken tijdens de eindontspanning en ik me daar aan stoorde. Omdat het geluid me onveilig deed voelen. Dat het ook goed was als ik niets zei wanneer er na de meditatieles in een kringgesprek nagepraat werd. Dat dat allemaal okee was.

Die boodschap is zo anders dan wat er ‘buiten’ in de maatschappij wordt gevraagd: presteren. Dan hol ik van de ene afspraak naar de andere, mijn lijf negerend. Nu weet ik wel dat alleen maar in de relax-stand, steeds jezelf en je eigen gevoelens voelend, ook niet realistisch is. Zo is het leven niet. Dat is er een van ups en downs. Maar voor mij waren en zijn de yogalessen wel het voorbeeld dat ik meeneem naar buiten. Naar de rest van mijn leven. Wat ik steeds weer probeer te doen: luisteren naar mezelf, zacht zijn voor mijzelf.

Een ander aspect van yoga wat me raakt is het lichaamsbewustzijn. Met je volle aandacht in je lijf zijn. Dat heb ik echt moeten leren. Ook weer stap voor stap. Yoga is daar een mooi middel voor. Op de mat kom je jezelf tegen. Leren dat het normaal is om lichamelijke spanning te ervaren tijdens een oefening. Dat dat niet betekent dat je dan gelijk moet opgeven. Dat dat ook niet betekent dat er gevaar dreigt of er iets mis is. Dat je naar die spanning toe kunt ademen, om het zachter te maken. Dat het een uitdaging is om je fysieke en mentale grenzen te voelen en respecteren. Dat dat niet altijd lukt. Maar dat dat ook niet erg is.

Het is wat het is, zegt de liefde. (Erich Fried)

Een uitspraak die ik in een rouwkaart van een bekende las en erg mooi vind. Dat doe je immers steeds bij alles wat je tegenkomt in de yogales. Het mag er allemaal zijn. Je mag het erkennen. Jij mag er zijn. Dat is wat de yogadocente steeds weer uitdraagt en benadrukt. Die boodschap Jij mag er zijn in positieve vorm is heerlijk tegengesteld aan wat ik ooit als kind leerde -Jij mag er niet zijn- naar aanleiding van mijn ervaring met seksueel misbruik.

Nu is het anders en dat is zo fijn om te ervaren!

Dankjewel yoga, dankjewel docente voor wat jullie me leerden en leren!

Geloofd worden

Vandaag ga ik iets schrijven over geloven of niet geloven.

Hoe vaak hoor je niet dat een kind niet durft te spreken over seksueel misbruik? Al dan niet door dreiging en dwang van de dader of uit gevoelens van schaamte en schuld.

Toen ik als kind mijn ouders vertelde wat er gebeurd was, geloofden ze me direct. Ondanks dat het een verschrikkelijke waarheid is: je kind heeft een ervaring met seksueel misbruik meegemaakt op een leeftijd (3) waarin het hoort te spelen met poppen, onbevangen hoort te zijn.

Ik had geluk. Ik durfde te spreken. Ik werd geloofd. Daardoor bleef het bij één ervaring. Maar zovelen hadden en hebben dat geluk niet. Zij kunnen hun verhaal niet kwijt. Ze zitten jarenlang gevangen in een situatie waar ze onmogelijk uit kunnen ontsnappen. Met een hele reeks aan psychische, lichamelijke en sociale problemen tot gevolg.

Het is zo ongelofelijk belangrijk voor een kind dat het zich veilig kan voelen. Veilig voelen om te spreken. Wij allemaal als volwassenen hebben daar een rol in. Geloof een kind als het een dergelijk verhaal verteld. Geloof mij maar dat het kind het verhaal niet kan verzinnen. Leeftijd maakt niet uit. Hoe denk je dat een kind zich voelt als er geen gehoor wordt gegeven aan het doorbreken van zijn of stilte? Het kind is al beschadigd, er is al over zijn grenzen heen gegaan en dan doet een ander dat nog een keer.

Ik weet dat je geluk moet hebben als kind een zogenaamde veilige ander te treffen in je leven. Vroeg of laat komt die voorbij. Durf jij als volwassene die persoon voor dat kind te zijn? Mijn boodschap van vandaag: denk twee keer na voor je besluit het verhaal van een kind te negeren. Neem het serieus, altijd. Dat heeft het kind zo nodig!

Je eigen ruimte

Ik probeer graag iets nieuws uit. Van de week was ik bij een workshop samen met 2 vriendinnen. De workshop heette ‘Je eigen bubbel’.Je eigen ruimte dus.

Nu ben ik al (van) ver gekomen. Ik voel geen (kinder)angst om te leven meer, heel veel automatische gedachten zijn verdwenen, het dagelijkse ik-heb-altijd-hongergevoel en intense moeheid zijn verdwenen, praktisch alle triggers zijn weg. Ik maak mezelf niet meer kleiner dan ik ben. Ik bewoon mijn lijf met meer zekerheid, loop letterlijk meer rechtop. Het harde werken wordt beloond dus. Mensen om mij heen zien een stralende Ingrid. Ik krijg complimenten over de levendigheid en kracht die ik schijn uit te stralen. Het is fijn om die complimenten te krijgen, dat bevestigt alleen maar dat ik goed bezig ben. Ik ben er nog niet, maar ik ben heel goed op weg.

Ondanks al die vooruitgang, moest ik een aantal drempels over om deze workshop te volgen. Het onderwerp ‘je eigen ruimte innemen’, dat vraagt om me kwetsbaar op te stellen, mijn eigen ruimte te leren voelen, bewegen en dansen, afstemmen op een ander door samen oefeningen te doen. Gelukkig met 2 anderen die ik ken. Maar met een docent die ik voor het eerst zag. Een man die ook nog indringende ogen had. Die ogen riepen geen angst op, maar ongemakkelijk was het wel.  Ik deed liever met een van de twee anderen samen de oefeningen. Gelukkig zag en benoemde de docent mijn spanning en liet hij mij bijna alle oefeningen met een van de anderen doen. Ik voelde me gaandeweg de workshop steeds meer op mijn gemak. Ook dat benoemde de docent. De houding van de docent kwam op mij heel respectvol en professioneel over. Hij liet mij zien: ik respecteer je grens. Die ervaring had ik wel al eerder en vaker gehad, maar dan altijd bij mensen die ik al langer ken. Op het eind begon ik zelfs plezier in de oefeningen te krijgen. Er waren een aantal oefeningen die ik geweldig vond om te doen. Ook dat is leven met wat er is. Leven met spanning én plezier. En dan uiteindelijk kunnen zeggen: ik ben blij dat ik dit heb gedaan!